content

Wilhelminafeesten 1898

Feestelijkheden te Rotterdam in augustus en september 1898 ter gelegenheid van de 18de verjaardag en de inhuldiging van Wilhelmina als koningin.

‘Nog één week en Rotterdam zal feestvieren zóó als het in vele jaren geen feest heeft gevierd’, meldt het Rotterdamsch Nieuwsblad op 24 augustus 1898. De voorbereidingen waren al in volle gang en in de stad heerste grote bedrijvigheid. Op 31 augustus 1898 zou koningin Wilhelmina 18 jaar worden, waarmee de regeringsaanvaarding een feit werd, gevolgd door de inhuldiging als koningin op 6 september 1898 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Hoewel deze gebeurtenissen ‘op afstand’ plaatsvonden, was het voor Rotterdam reden genoeg er een week lang een gigantisch feest van te maken.

Voorbereidingen

Om alles op rolletjes te laten verlopen, was er een feestcommissie samengesteld onder voorzitterschap van burgemeester F.B. s’Jacob. Vervolgens werkten vele subcomités maandenlang, samen met de inwoners die voor die gelegenheid geld inzamelden, aan de voorbereidingen voor de versieringen in straten en op pleinen. De gevels in de hele stad gingen schuil achter vlaggen, trofeeën en bloemen. De kruispunten waren overdekt met koepels en erebogen, de pleinen voorzien van muziektenten en versierde tribunes. Van het stadhuis, de Delftsche Poort, het Erasmiaans gymnasium en andere belangrijke gebouwen waren de gevelranden betimmerd met latten die voorzien werden van duizenden vetpotjes, die ’s avonds voor feestverlichting zorgden. Aan de feesttent op het Beursplein was gasverlichting aangebracht. De bovenkant van de ingangspoort van de Maasbrug was versierd met het wapen van de stad omgeven met ornamenten en tegen de poort waren bekroonde W’s en ornamenten aangebracht. Om de Rotterdammer een idee van de verfraaiingen te geven, verschenen er elke dag tekeningetjes van de versierde gebouwen en erepoorten in het Rotterdamsch Nieuwsblad.

Kunstenaars

Dergelijke officiële bezoeken betekenden werk voor kunstenaars, decoratieateliers, architecten, musici en toneelschrijvers. Er werden speciale feestcantates geschreven. Het dameskoor ‘Capella’ en het ‘Rotterdam’s Kinderkoor’ gaven op 6 september in de Sint-Laurenskerk een kerkconcert, in de grote Doelezaal aan de Coolvest traden de christelijke zangverenigingen ‘Halleluja’ en ‘Hosanna’ op, en in de Grote Schouwburg werd ‘Een koningssprookje’ opgevoerd. Voor de versieringen aan de Leuvebrug was architect J.M. Smekers verantwoordelijk, de drie poorten aan het koningin Emmaplein waren uitgevoerd naar een idee van decorateur Frans Bakker, en ook de gevelversieringen van de kantoren van de firma’s Wm. Müller & Co en Reuser & Co waren van zijn hand.

Onthulling Wilhelminaboom en Wilhelminafontein

In de ochtend van 31 augustus 1898 had om half twaalf een indrukwekkende plechtigheid plaats toen op het terrein aan de Parklaan, volgens oud gebruik, een jonge lindeboom werd geplant door de Rotterdamse afdeling van de ‘Nederlandsche Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde’. Bij deze gelegenheid werd de Wilhelminaboom overgedragen aan de gemeente Rotterdam. Vervolgens werd om half twee, ter herinnering aan de troonsbestijging, de fraaie monumentale fontein op het Burgemeester Hoffmanplein onthuld en eveneens aan de gemeente overgedragen. De fontein was een initiatief van de vereniging ‘Feijenoord’. Ze is ontworpen door architect Henri Evers en het beeldhouwwerk door Simon Miedema. De onthulling werd door duizenden Rotterdammers bijgewoond en een luid ‘hoera’ steeg op, toen de woorden ‘Hulde aan Koningin Wilhelmina der Nederlanden bij Hare Troonsbestijging’ zichtbaar werden. De vereniging ‘Feijenoord’ deed het vriendelijke verzoek aan de gemeente de fontein te laten beantwoorden aan haar doel en een vergunning te geven, zodat ‘het water aan hetwelk het vooruitstrevend Rotterdam zijn voorspoed heeft te danken, rijkelijk uit deze fontein vloeie.’

De praalwagens

Maar het meest spectaculair en hét hoogtepunt van de feestweek was de historische optocht, die opgesteld stond in de Rosestraat en aan de Prins Hendrikkade, om drie uur zou vertrekken. De ontwerpen voor de praalwagens zijn van Frans Bakker en de prachtige aquarellen bevinden zich nu in het Stadsarchief. Al dagen tevoren werden er kamers te huur aangeboden van waaruit men de optocht en ’s avonds het vuurwerk goed zou kunnen aanschouwen. Er waren kamers aan de Boompjes en in de Van der Takstraat, waar maar liefst zeven kamers met prachtig uitzicht ter beschikking stonden. Niet alles verliep even vlot. Kort vóór aanvang van de optocht bleek er een tekort aan paarden, waardoor velen die in het programma als ruiter waren aangeduid, genoodzaakt waren te gaan lopen. Ook bleek dat prins Maurits en Willem IV met een aantal volgelingen de meest noodzakelijke bestanddelen misten om zich als ruiter te presenteren. Desondanks kon de stoet op tijd vertrekken. Behalve historische taferelen, zoals de Oost-Indische Compagnie, slot Dillenburg, de Vrede van Munster en Den Briel, reden er ook praalwagens van verenigingen en organisaties mee, zoals van de smeden, de reddingsmaatschappij, de geheelonthouders en het Rotterdamsch Nieuwsblad. De dag werd afgesloten met illuminatie en vuurwerk op de Maas, waar zestig versierde en verlichte vaartuigen lagen. Dankzij de praalwagens had Rotterdam, op de hoofdstad na, de mooiste reeks festiviteiten van het hele land.

De inhuldiging

Op 6 september volgde de inhuldiging in Amsterdam. De hele dag waren er festiviteiten in de stad. De dag werd afgesloten met een concert op het Beursplein, waarvan duizenden Rotterdammers genoten. Schitterend verlicht waren de Passage en de Korte Hoogstraat, en ook de Zandstraat en de zijstraten ervan illumineerden. In de Hoogstraat trokken vooral de illuminaties van de Franse Bazar alle aandacht en in de Hoofdsteeg leek het gebouw van Esders op een ‘feeënpaleis’ uit Duizend-en-een-Nacht. Pschorr, waar de in oranje kledij gestoken dameskapel speelde, was stampvol. Er waren echter ook een paar smetjes: één vlag aan de erepoort aan de Slaakkade vatte vlam, maar doofde al snel en ook de poort in de Dirk Smitsstraat vloog in brand. Door de linkerhelft om te trekken, was het gevaar snel geweken. De avond werd afgesloten met allerlei soorten vuurwerk.

‘Blijde inkomst’

Op 9 juni 1899 konden de Rotterdammers de kersverse koningin met eigen ogen aanschouwen. Toen hield koningin Wilhelmina, begeleid door haar moeder Emma, haar ‘blijde inkomst’ in de stad. De beide koninginnen legden verschillende bezoeken af en maakten een rijtoer door de stad, maar deze was bij lange na niet zo uitbundig versierd dan het jaar ervoor.