content

Vliegveld Zestienhoven

Oorspronkelijke naam van Rotterdam The Hague Airport. Werd geopend in 1954, ter vervanging van vliegveld Waalhaven dat in de oorlog was verwoest.

Waalhaven

De feitelijke geschiedenis van de Rotterdamse luchtvaart begon op Waalhaven. Vliegveld Waalhaven was het eerste Nederlandse vliegveld voor de burgerluchtvaart. Het lag ten zuiden van de Waalhaven en werd op 26 juli 1920 geopend. Schiphol was toen nog een militair vliegveld. Op de dag van de opening vertrok vanaf Waalhaven de eerste commerciële vlucht, een luchtpostvlucht van Amsterdam naar Londen. Het vliegveld trok ook veel dagjesmensen, die vanaf 1931 door Spido werden vervoerd.

Internationaal vliegveld

Het vliegverkeer nam in de jaren twintig en dertig snel toe en Rotterdam had behoefte aan een uitbreiding van het vliegveld. Op 22 december 1938 diende kamerlid Van de Waerden een, aangenomen, motie in, waarin erkend werd dat Rotterdam behoefte had aan een internationaal vliegveld naast de nationale luchthaven Schiphol. Rotterdam ontwierp hierna enkele plannen om vliegveld Waalhaven te verbeteren. Deze plannen werden echter door de loop van de geschiedenis doorkruist.

Verwoesting

Op 10 mei 1940 werd het vliegveld Waalhaven door twee Duitse bommenwerpers aangevallen. Ze wierpen hun bommen af en bestookten met hun machinegeweren de gebouwen van het vliegveld. Later die dag volgde een tweede Duits bombardement en landden de eerste parachutisten. Het vliegveld was in de loop van de oorlog vaak het doelwit van Engelse bombardementen en bleef na de oorlog volledig vernield achter.

Tweede nationale luchthaven

Na de Tweede Wereldoorlog vond het gemeentebestuur dat het gemis van een vliegveld spoedig diende te worden opgelost. Rotterdam had als belangrijkste havenstad van ons land een moderne grote luchthaven in de nabije omgeving nodig. Herstel van Waalhaven was geen optie, omdat het kort na de oorlog een industriegebied was geworden. In de landelijke politiek speelde er in die tijd de discussie om een tweede nationale luchthaven aan te leggen. In 1948 wees het Kabinet de polder Schieveen, langs de A13, aan voor de bouw van een tweede nationale luchthaven. In 1952 meldde de toenmalige minister Vos echter dat dit plan geen doorgang zou vinden. Er kwam geen tweede nationale luchthaven. Een eventuele nieuwe Rotterdamse luchthaven mocht onder geen enkele voorwaarde groter groeien dan Schiphol.

Zestienhoven

Onder druk van het Rotterdamse bedrijfsleven kwam er in de jaren vijftig uiteindelijk toch een nieuwe Rotterdamse luchthaven. Het rijk gaf wel toestemming voor de aanleg van een luchthaven in de ernaast gelegen, veel kleinere polder van Zestienhoven. Op 1 april 1954 kwam de goedkeuring van de bouw van de nieuwe luchthaven Zestienhoven. Met de aanleg van het grasveld, want veel meer mocht er niet komen, werd begonnen op 18 mei 1954, de opbouwdag in Rotterdam. Niet in de Schieveense polder, maar in de zuidelijk van de Doenkade gelegen Zestienhovense polder ging de eerste spade de grond in.

Verharde startbaan

Zestienhoven kon pas een echte luchthaven worden met de aanleg van een verharde startbaan. Op 1 augustus 1955 werd Burgermeester van Walsum geïnformeerd over de toestemming van een verharde startbaan. Na veel bezwaar werd eindelijk het nut ervan ingezien. De kosten van de aanleg van de startbaan, de toegangsweg naar het vliegveld en het bouwrijp maken van bij het vliegveld aansluitende industrieterreinen werden geraamd op meer dan tien miljoen gulden.

Onverwachte opening

Voor de officiële opening van vliegveld Zestienhoven, zouden er vanaf 17 september enkele proeflandingen plaatsvinden. De landingen zouden worden verzorgd door drie Engelse luchtvaartmaatschappijen die lijndiensten wilden gaan uitvoeren op de nieuwe luchthaven. Tien dagen voor de officiële eerste landing, op 7 september 1956 om acht minuten over zes, landde geheel onverwachts de officieuze eerste bezoeker. De Deense zakenman Grum had op de luchtvaartkaart het nieuwe vliegveld wel opgemerkt, maar had niet gezien dat het vliegveld nog niet was opengesteld.

Inrichting van het vliegveld

De eerste voorzieningen op vliegveld Zestienhoven waren beperkt. Op 1 oktober 1956 werd Zestienhoven officieel geopend met een startbaan van dertienhonderd meter lengte en vijfenveertig meter breed. Verder bestond het vliegveld uit loodsen, een stenen stationgebouwtje, een houten kantoor voor de havendienst en een houten verkeerstoren. Ondanks dat er aanvankelijk slechts vliegtuigen mochten landen met een maximum gewicht van twintig ton ontwikkelde Zestienhoven zich voorspoedig. Op de binnenlandse vluchten nam het belang van het vliegveld erg toe. Het kreeg nog meer functies in met name de sport-, reclame-, en instructieluchtvaart en later toerisme.

Verlenging van de startbaan

Kort na de opening bleek de lengte van start- en landingsbaan te kort voor het toenemende vliegverkeer. De gemeente Rotterdam was hier al op bedacht, waardoor men ‘stiekem’ betonplaten had aangelegd, die verborgen waren onder het gras. Zodra toestemming tot uitbreiding werd verkregen van de regering ‘zouden er tuinlieden nodig zijn om de betonplaten te ontdekken’. Bij de opening van de verlengde baan op 13 april 1966 moest ‘deze actie’ nog worden goedgepraat door Burgemeester van Walsum.

Nieuwbouw

Medio 1967 werd begonnen met de aanleg van een nieuw stationsgebouw met verkeerstoren. Na de officiële opening op 28 april 1970 konden in mei het nieuwe stationsgebouw van honderdtien meter lang en veertig meter breed én de verkeerstoren van negenendertig en een halve meter hoog in gebruik worden genomen. Het ontwerp van dit imposante bouwwerk, dat circa zeventien miljoen gulden kostte, was van de dienst Gemeentewerken. Inmiddels waren alle houten bouwwerken al afgebroken en verscheen er een nieuw dienstengebouw voor de op de luchthaven werkzame overheidsdiensten, douane en Koninklijke Marechaussee. Door alle vernieuwingen verbeterde het imago en werd Zestienhoven een heuse luchthaven.

Plannen voor verhuizing

Begin mei 1987 presenteerde het Rotterdamse stadsbestuur het Integraal Plan Noordrand Rotterdam (IPNR). Een belangrijk onderdeel van dit plan was de ontwikkeling van de nieuwe woonwijk, Rijs en Daal, in de polder Zestienhoven. Hiervoor moest er een nieuwe luchthaven worden aangelegd op een andere locatie. De bestaande locatie was niet goed geschikt door de geluidshinder en het ontbrak er bovendien aan mogelijkheden voor rendabele ontwikkeling. In 1996 kwam een einde aan de veelbelovende plannen voor een nieuwe luchthaven. De Rotterdamse gemeenteraad besloot Rotterdam Airport voorlopig zo te laten.

Privatisering

De exploitatie van Zestienhoven was nog altijd een gemeentelijke aangelegenheid. Per 1 januari 1990 nam de nv Luchthaven Schiphol het beheer van het Rotterdamse vliegveld over. Ook voor het bedrijfsleven ging van deze privatisering een enorme impuls uit, die leidde tot een toename van investeringen en uitbreidingen. Rotterdam Airport ontwikkelde zich tot een luchthaven met geregelde lijnvluchten, charter- en vrachtverkeer en vooral zakenvluchten.

Rotterdam Airport

In het nieuwe millennium nam het belang van Rotterdam Airport als internationale luchthaven in Nederland toe. De luchthaven werd het hele jaar door dag en nacht geopend. Wat betreft nachtvluchten bleef Rotterdam Airport uiterst terughoudend, lange tijd waren er strenge regels voor het gebruik van de luchthaven tussen elf uur ‘s avonds en zeven uur ‘s ochtends. De openingstijden werden in 2004, op verzoek van Rotterdam Airport en de gemeente Rotterdam verruimd met een uur. Alleen voor de modernste - en dus meest geluidsarme - landende vliegtuigen werd het onder voorwaarden mogelijk tot middernacht, met uitloop tot één uur, te landen. Na de maatregel steeg het aantal klachten over geluidsoverlast explosief. Ook al in eerdere jaren kwamen er klachten van geluidsoverlast.

Toename passagiers

In oktober 2004 overschreed Rotterdam Airport de grens van één miljoen passagiers. Nooit eerder waren er zoveel passagiers vertrokken vanaf de grootste regionale luchthaven van Nederland. Sinds die tijd stabiliseerde het aantal passagiers rond de één miljoen per jaar. In 2009 waren de luchtvaartmaatschappijen Transavia en VLM Airlines de grootste gebruikers van Rotterdam Airport. Op het vliegveld stonden permanent drie toestellen van Transavia Airlines gestationeerd, die meerdere bestemmingen binnen Europa aandeden. Ook vormde Rotterdam Airport de thuisbasis van de Vliegclub Rotterdam en de Rotterdamsche Aero Club. Sinds 10 februari 2010 heet het vliegveld Rotterdam The Hague Airport.