content

Van Ghentkazerne

Kazerne van het Korps Mariniers aan het Toepad, genoemd naar een van de eerste commandanten van het korps, Willem Joseph baron van Ghent. Op 14 december 1938 legde het 3-jarig zoontje van kolonel H.F.J.M.A. von Freytag Drabbe, chef van het Korps Mariniers, de eerste steen van de nieuwe marinierskazerne op het oude Excelsiorterrein.

Er was behoefte aan een ruimere behuizing. De kazerne aan het Oostplein was niet alleen te klein geworden, maar ze voldeed ook niet meer aan de eisen van de tijd. De nieuwe kazerne werd vernoemd naar de eerste commandant van het Korps Mariniers: Willem Joseph baron van Ghent. Als luitenant-admiraal sneuvelde hij in 1672 in de slag bij Solebay.

Rotterdam en de mariniers

Het Korps Mariniers, een van de oudste onderdelen van de Nederlandse krijgsmacht, is opgericht op 10 december 1665. Het voornaamste terrein lag vooral op de vloot. De havenstad Rotterdam en het korps zijn al sinds de zeventiende eeuw met elkaar verbonden. Zo leverde de Rotterdamse Admiraliteit voor de aanval op Chatham, tijdens de Tweede Engelse Oorlog in 1667, tientallen schepen. Sinds 1817 is Rotterdam officieel een mariniersstad. De mariniers werden gevestigd in het complex aan het Oostplein, het oude Tuighuis van de Admiraliteit, later bekend als de Marinierskazerne.

In 1850 werd de Marinewerf opgeheven en daarmee verdwenen de mariniers uit de stad. Toen in 1868 sociale spanningen tot het zogeheten De Vletter-oproer leidden, werden in paniek de mariniers teruggehaald. Daarop besloot koning Willem III in 1869 de mariniers van Vlissingen naar Rotterdam over te plaatsen. De oude kazerne aan het Oostplein werd opnieuw ingericht.

Ingebruikname

De band met de stad werd onverbrekelijk door het optreden van de mariniers tijdens de verdediging van Rotterdam in de meidagen van 1940. Achter hun rug ging de oude kazerne in vlammen op. Op 9 december 1946 keerden de mariniers terug in Rotterdam. Op die dag werd de nieuwe Van Ghentkazerne in gebruik genomen. In de daaropvolgende jaren werd de kazerne geleidelijk afgebouwd en aan het hoofdgebouw werd nog een aantal gebouwen toegevoegd. Ook de Marinierskapel van de Koninklijke Marine verhuisde naar de nieuwe kazerne. Al spoedig bleek dat die niet over een goed repetitielokaal beschikte. Pas in 1982, met de bouw van een nieuw repetitielokaal, kon de Marinierskapel terugkeren naar de kazerne. Naast het bordes kwamen aan weerszijden beelden die het marinierschap symboliseren, namelijk de ‘strijd op de grens van water en land’.

Uitbreidingen

Aan het kazernecomplex werd voortdurend bij- en aangebouwd: loodsen en barakken, een garagecomplex en een nieuw legeringsgebouw in 1984, zodat zowel de opleiding voor zeemiliciens als de praktische opleiding tot officier der mariniers in Rotterdam kon worden overgebracht.