content

N.V. J.H. Henkes Distilleerderij

Oorspronkelijk in Delfshaven gevestigde jeneverstokerij, verhuisde in 1966 naar Hendrik-Ido-Ambacht. Op 23 oktober 1824 begonnen Johannes Hermanus Henkes, Arie de Jong en Gerke d'Arnaud Gerkens een distilleerderij aan de Voorhaven te Delfshaven. Henkes kocht in het oprichtingsjaar samen met zijn zwager d'Arnaud en De Jong een bestaande dubbele korenwijnbranderij en porties in de windmoutmolen 'de Distilleerketel' op het Middelhoofd.

Ontstaan van de branderij

Maarten de Wit, koopman en korenwijnbrander te Delfshaven. kreeg op 27 oktober 1777 vergunning van het bestuur der stad Delft om ter uitbreiding van zijn zaken nog een branderij op te richten achter het huis van zijn zuster Petronella de Wit. Dat bevond zich op de westzijde van de Oude Haven, aan welke zijde al enkele andere branderijen aanwezig waren. Uit deze tijd dateert dus de branderij, die later door Henkes en co wordt opgekocht. De branderij bestond uit drie rouwketels en een distilleerketel. Op 4 mei 1778 kreeg de Wit vergunning om er nog een tweede distilleerketel bij te plaatsen. Maarten de Wit verkoopt op 30 juli 1791 aan Cornelis Leonardus van der Straal de branderij met huis en erf, met drie rouwketels en een distilleerketel, met helmen, slangen en slangkuipen, oude vaten, beslagbakken met deksels en bovenbak met twee spoelingbakken voor fl. 14.000. -.

Overnames

Van der Straal verkoopt 4 september 1816 de branderij, samen met 3/19 porties in de windmoutmolen ‘de Distilleerketel’, op het Middelhoofd, aan Dirk Adrianus van Putten, die op zijn beurt op 16 oktober 1824 alles overdraagt aan de firma G. de Jong & Co, distillateur te 's-Gravenhage, voor de som van fl. 19.200, -. De firmanten van dit distilleerbedrijf waren Ary de Jong Gz., Gerke d' Arnaud Gerkens én Johannes Hermanus Henkes. In het koopcontract wordt een uitgebreide omschrijving van de verkochte branderij gegeven.

De Ooijevaar

De drie firmanten hadden dus elk 1/3 part. Het deel van Ary de Jong Gz. ging echter 19 september 1827 bij akte van ruiling voor de helft over, dus voor 1/6 van het geheel, aan de familie Gerkens, terwijl de andere helft, eveneens 1/6, dezelfden dag voor fl. 3.833.33 door J.H. Henkes van de Jong gekocht werd. Deze bezat nu de helft, terwijl de andere helft in het bezit was van de familie Gerkens. Ondanks de moeilijkheden van de industrie, groeide de zaak onder de naam 'de Ooijevaar' krachtig. Er werd een derde distilleerketel gebouwd en in 1850 werd Henkes de eerste industrie in Delfshaven die een stoommachine liet plaatsen ter vervanging van de paardenpompmolen

Henkes familiebedrijf

En ten slotte kocht J.H. Henkes van de erfgenamen van Gerke d' Arnaud Gerkens, overleden te Delfshaven 18 juli 1852 en zijn vooroverleden echtgenote Judith Marie Gaade, tegen taxatie de resterende helft op, zodat hij nu alleen eigenaar was. De oude branderij was toen echter al afgebroken en de familie Gerkens verkocht dan ook alleen de helft van de grond omdat er al gesloopt was en er een nieuw pand stond van iemand anders. Nog voordat hij alleen eigenaar van de grond was, had Henkes daarop dus al de nieuwe branderij doen verrijzen. In de jaren daarna ontwikkelde het familiebedrijf overzeese afzetmarkten. In 1904 werd het bedrijf omgezet in een N.V. In 1959 werd Henkes 'Hofleverancier' en in 1966 startte de nieuwbouw in Hendrik-Ido-Ambacht. Niet veel later volgde de verhuizing. In Delfshaven is de gevel van de voormalige distilleerderij aan de Voorhaven nog gemakkelijk te herkennen aan de gevelsteen met een ooievaar.

Literatuur
Toegangsnummer: 265, Archieftitel: N.V. J.H. Henkes Distilleerderij